Nieuws

Bij Excelsior Maassluis heeft de jeugd de toekomst

Wedstrijdverslag
Tweede divisie
Competitie

 

26 augustus 2018

MAASSLUIS - Het contrast tussen de reacties van de verantwoordelijke coaches kon bijkans niet groter zijn na afloop van de door Excelsior Maassluis met 1-0 gewonnen seizoensopening tegen GVVV. Koud uit de catacomben koos GVVV-trainer Niek Oosterlee als opening: "Het was een dramatische week."

 

Terwijl Oosterlee doorliep naar een radiomicrofoon, kwam Excelsior-trainer Dogan Corneille glunderend naar buiten. Zonder dat hij zijn collega had gehoord meldde hij spontaan: "Het was een fantastische week." De statements waren even tegengesteld als begrijpelijk. Om met de thuisploeg te beginnen, na de midweekse bekerwinst op FC 's-Gravenzande wonnen de Maassluizers ook de eerste competitiewedstrijd. Voor een nieuw bij een club aangetreden trainer is zoiets altijd lekker.

 

Ook GVVV speelde eerder in de week in de bekervoorronde, maar zag zich jammerlijk en ondubbelzinnig uitgeschakeld door een veel effectiever optredend TEC. En de wijze waarop de Veenendalers zich negentig minuten lang in de competitieouverture presenteerden, moet Oosterlee een flink aantal grijze haren hebben bezorgd. GVVV liet negentig minuten lang immers maar nauwelijks iets zien van het bovengemiddeld voetballend vermogen dat al seizoen lang het handelsmerk van de ploeg is. "Heb jij de bal vanmiddag vijf keer achter elkaar van blauw naar blauw zien gaan?", verzuchtte de coach getergd.

 

Robin Mulder stapt langs Sefa Kurt.

 

Het was inderdaad opvallend hoe slordig GVVV in de combinatie te werk ging. Ook de sterkhouders in het team, zoals Roy Terschegget op het middenveld, deelden in de algehele malaise. Dat de driemansvoorhoede met Sherwin Grot op rechts, Jeremy de Graaf op links en Robin Mulder in het midden geen moment goed los kwam, had te maken met twee pijnlijke tekortkomingen. De eerste was de al genoemde slordigheid die geen enkele combinatie door het midden deed slagen en de tweede was de ronduit zwakke wijze van voorzetten vanaf de flank. De na een flinke omzwerving weer in Veenendaal teruggekeerde Grot werd in de flankopbouw het meest in stelling gebracht, maar iets anders dan zijn in potentie hoge snelheid kon hij niet laten zien.

 

Excelsior Maassluis had op het veld met iets heel anders te maken, namelijk het doen vergeten van de eind vorige seizoen gestopte superspits Kevin Vink. Seizoenen lang was immers het spel van de tricolores afgestemd op de boomlange Vink als zeker aanspeelpunt. "Kevin Vink was inderdaad bepalend hier", wist ook Corneille. "In een team zonder een type als Vink moeten wij naar een ander soort spel toe. Ik wil naar een terughoudende opstelling, om dan juist vanuit de omschakeling toe te slaan. Dan moet er absoluut veel meer beweging zijn. De backs moeten opkomen zodra het kan. Kenmerkend voor wat ik qua beweging wil is dat ik niet afhankelijk wil zijn van één veelscorende spits. Het zou prachtig zijn als aan het eind van dit seizoen iedere speler van het basisteam gescoord heeft."

 

Met een knipoog maakte Corneille zijn toehoorders overigens snel duidelijk dat deze wens of opdracht niet geldt voor doelman Jean-Paul van Leeuwen. Dat de beweging in het Excelsior van Corneille moet komen van enkele jonge spelers, was in de wedstrijd goed zichtbaar geworden. De rechtsbackpositie werd meer dan verdienstelijk ingevuld door de 17-jarige Milan van Ewijk, afkomstig uit de eigen jeugd en feitelijk nog tweedejaars A-junior. Opvallend zelfbewust hield Van Ewijk Jeremy de Graaf van zich af en bemoeide hij zich ook nadrukkelijk met de opbouw op rechts. Twee linies voor hem stond op rechts Marouane Afaker, 19 jaar en overgekomen van de beloften van Excelsior Rotterdam. En dan was er nog Sekou Sylla, ook 19 jaar oud en al even beweeglijk als Afaker.

 

Stephan Kruithof ziet Sefa Kurt winnen van Robin Mulder.

 

Sylla kende ruim vijf minuten voor het rustsignaal zijn absolute moment van glorie. Uit het zoveelste balverlies van GVVV mikte Vincent van den Berg op de paal, waarna Sylla als het bekende duveltje uit een doosje toesnelde om de rebound doeltreffend af te ronden.
Ondanks zijn keiharde werken en een veelvoud aan scoringsmogelijkheden had Afaker veel minder geluk, maar dat verhinderde niet om te spreken van drie opvallende jonge debutanten bij de thuisploeg.

 

Vooral de tweede helft gaf een goed beeld van hoe Dogan Corneille zijn team wil zien spelen. Waar het in de eerste helft nog min of meer gelijk op ging, trokken de Maassluizers zich na rust op eigen helft terug. Eerst nauwelijks merkbaar, maar zeker nadat Corneille ook nog eens verdedigend wisselde (Niels Redert, die naar Coneille's inzicht niet paste in de oorspronkelijke 'ingezakte' middenveldbezetting, voor Sylla) hoefde niemand daar nog aan te twijfelen.

 

De enige twijfel die overbleef was of de gewijzigde optische verhouding nu de verdienste van GVVV was of een vrije keuze van Excelsior. Want GVVV mocht dan wel vaker aan de bal zijn, de Veenendalers slaagden er geen moment in om de tegenstander onder druk te zetten. Keer op keer nam de Excelsior-defensie, en vaak genoeg al het middenveld, de bal over om vlijmscherpe tegenstoten te plaatsen. De gevaarlijke situaties in het doelgebied van Johan Jansen volgden elkaar dan ook steeds sneller op, waarbij het een wonder mocht heten dat het niet 2-0 werd. Iets wat vooral Afaker zich mocht aanrekenen, met wellicht het excuus dat hij er tegen het einde van de wedstrijd helemaal doorheen zat na al zijn energieke acties.

 

Milan van Ewijk focust op de bal. Mart de Jong zoekt meer contact met zijn tegenstander.

 

"Ja, Marouane was ongelukkig in zijn afronding, maar dat hem een doelpunt gegund was ben ik met je eens, want het was fantastisch wat hij en de andere jongeren hebben laten zien", beoordeelde Corneille na afloop. "Na een wisselvallige voorbereiding moet je maar afwachten hoe je team ervoor staat als het om het echie gaat. Zijn we er klaar voor? Nou, ik ben tevreden dat ik nu kan zeggen dat onze kwaliteiten er goed uitkwamen. De organisatie stond sowieso supergoed en over de noodzakelijke beweging heb ik niets te klagen. We creëerden tegen de geroutineerde GVVV-ers de ene kans na de andere en wat gaven wij nu eigenlijk aan hen weg? Bijna niets toch? Hooguit moet ik zeggen dat wij nog wel een doelpunt meer hadden kunnen maken. Als coach ben je nu eenmaal nooit helemaal tevreden, ik ook niet, want ik denk dat we nog flink kunnen en moeten werken om onze beoogde speelwijze in te slijpen. Maar het fantastische begin is een feit."

 

Kon Dogan Corneille maar een heel klein beetje niet tevreden zijn, en dat misschien nog alleen maar voor de vorm, de ontevredenheid die Oosterlee uitstraalde kende geen grenzen. "Er is werk aan de winkel, heel veel werk. Voor mij, maar veel meer nog voor mijn selectie. Want het gros van deze groep speelt al seizoenen lang met elkaar. Zij weten hoe het moet. In feite gaat het om spelers die het einde van hun carriére zo onderhand in zicht krijgen. Voor hen is het zaak om juist nu nog een keer te laten zien wat ze in huis hebben. Ik begrijp niet dat ze zulk beroerd voetbal afleveren. Als ze zo doorgaan dan spelen ze over een wedstrijd of zeven puur degradatievoetbal."

 

Om toch nog enigszins positief af te sluiten eindigde Oosterlee met: "We komen er wel weer."
Gezien de in zijn selectie aangewezige kwaliteit en ervaring zou het heel raar zijn als hij daarin geen gelijk krijgt. Maar dan zal er echt uit een ander vaatje getapt moeten worden. Werk aan de winkel dus op Panhuis.

 

Tekst: Jakob Kos
Foto's: Orange Pictures